XII - Jezus sterft aan het kruis

statie XII

De nagel in de pols van Christus
is een steensplinter uit het coloseum in Rome

Vanaf het zesde uur viel er een duisternis over het hele land, tot aan het negende uur toe. Omstreeks het negende uur riep Jezus met luider stem uit: "Eli, Eli, lema sabaktani?", dat wil zeggen: "Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?" Enkelen uit de omstanders, die het hoorden, zeiden: "Hij roept om Elia!" Onmiddellijk daarop ging een van hen een spons halen, drenkte die in zure wijn, stak ze op een rietstok en bood Hem te drinken. Maar de anderen zeiden: "Laat dat! Wij willen eens zien of Elia Hem komt redden." Jezus slaakte andermaal een luide kreet en gaf de geest. De honderdman en die met hem bij Jezus de wacht hielden, werden bij het zien van de aardbeving en wat verder gebeurde door een grote vrees bevangen en zeiden: "Waarlijk, Hij was een Zoon van God."

terug plattegrond volgende